De inhoudsopgave - al die andere berichten - staat in de rechter kolom die helaas HEEEEEL langzaam laadt. Scrollen dames en heren!
“All the business of war, and indeed all the business of life, is to endeavour to find out what you don’t know from what you do.” – Sir Arthur Wellesley, Duke of Wellington

"My dear. A lack of compassion can be as vulgar as an excess of tears. "
- Violet in Downton Abbey

"By perseverance the snail reached the ark. "
- Charles Spurgeon

"Not all those who wander are lost."
-Tolkien

31 december 2015

Raad van State veegt vloer aan met standaardformuleringen in procesverbalen gebruikt bij vrijheidsontneming door KMar


ECLI:NL:RVS:2015:4063

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 24-12-2015
Datum publicatie 30-12-2015
Zaaknummer 201508279/1/V3
Rechtsgebieden Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken Hoger beroep
Inhoudsindicatie Bij besluit van 13 oktober 2015 is aan de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd (hierna: het besluit). Dit besluit is aangehecht.
Vindplaatsen Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2015:4063

Uitspraak

201508279/1/V3.
Datum uitspraak: 24 december 2015
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het hoger beroep van:
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
appellant,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 4 november 2015 in zaak nr. 15/18445 in het geding tussen:
[de vreemdeling]
en
de staatssecretaris.
Procesverloop
Bij besluit van 13 oktober 2015 is aan de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd (hierna: het besluit). Dit besluit is aangehecht.
Bij uitspraak van 4 november 2015 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard en de vreemdeling schadevergoeding toegekend. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris hoger beroep ingesteld. Het hogerberoepschrift is aangehecht.
De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. B.A. Palm, advocaat te Utrecht, heeft een verweerschrift ingediend.
Vervolgens is het onderzoek gesloten.
Overwegingen
1. In de enige grief klaagt de staatssecretaris dat de rechtbank ten onrechte, onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 24 september 2015 in zaak nr. 201507039/1/V3, heeft geoordeeld dat hij heeft nagelaten voldoende kennis te vergaren ten aanzien van de af te wegen belangen.
Daartoe betoogt de staatssecretaris, samengevat weergegeven, dat de rechtbank niet heeft onderkend dat uit het besluit voldoende blijkt dat de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld bijzondere individuele omstandigheden naar voren te brengen die tot toepassing van een lichter middel hadden kunnen leiden. In het besluit is vermeld dat de vreemdeling, in verband met de vraag of sprake is van bijzondere individuele omstandigheden die aanleiding zouden zijn om van het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel af te zien, het volgende heeft aangevoerd: "Ik heb geen persoonlijke, psychische of medische aandoeningen en heb geen bezwaar tegen tijdelijke insluiting." Uit de antwoorden van de vreemdeling kan worden afgeleid dat hem is gevraagd naar zijn medische en psychische toestand en dat hem is gevraagd of er andere redenen zijn waarom hij niet in een gesloten inrichting kan verblijven. Dat in het besluit geen sprake is van een letterlijke, maar zakelijke weergave van het gehoor, maakt dat volgens de staatssecretaris niet anders.
De staatssecretaris betoogt voorts dat hij met het proces-verbaal van bevindingen algemeen van de Koninklijke Marechaussee (hierna: de KMar) van 23 oktober 2015 voldoende heeft gestaafd welke vragen worden gesteld om te kunnen beoordelen of een lichter middel moet worden toegepast. Nu de verbalisant heeft verklaard dat de in het proces-verbaal vermelde vragen standaard aan vreemdelingen worden gesteld, is er geen reden om daar, zonder nadere toelichting, aan te twijfelen. De rechtbank is ten onrechte aan dit op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal voorbijgegaan.
Volgens de staatssecretaris is de rechtbank er eveneens aan voorbijgegaan dat niet is gebleken van bijzondere individuele omstandigheden die de vreemdeling niet naar voren heeft kunnen brengen, terwijl hij dat wel had willen doen. Voor zover de vreemdeling ter zitting heeft aangevoerd dat hij last heeft van zijn oor, had dat ook ten tijde van de besluitvorming niet tot het oordeel kunnen leiden dat een lichter middel toegepast had moeten worden. De rechtbank heeft dan ook ten onrechte geconcludeerd dat, voor zover al een gebrek kleeft aan de weergave van het gehoor, dat tot onrechtmatigheid van de maatregel leidt.
Gelet hierop heeft de rechtbank volgens de staatssecretaris ten onrechte de uitspraak van de Afdeling van 24 september 2015 in zaak nr. 201507039/1/V3 op deze zaak van toepassing geacht. Anders dan in deze zaak, waren de antwoorden van de vreemdeling in die zaak slechts in een proces-verbaal en niet in het besluit weergegeven en zagen deze derhalve op het doel van het verblijf en niet op de oplegging van de vrijheidsontnemende maatregel.
In dit verband verwijst de staatssecretaris tevens naar het arrest van het Hof van Justitie (hierna: het Hof) van 10 september 2013, C-383/13 PPU, G. en R., punten 39 tot en met 41, 44 en 45 (ECLI:EU:C:2013:533; hierna: het arrest G. en R.). Volgens de staatssecretaris kan dit arrest naar analogie worden toegepast in deze procedure en is aan de vreemdeling niet daadwerkelijk de mogelijkheid ontnomen om zich zodanig te verweren dat dit had kunnen leiden tot een andere afloop van de procedure.
1.1. In het besluit heeft de ambtenaar van de KMar vermeld dat aan de vreemdeling is kenbaar gemaakt dat over de oplegging dan wel voortzetting van een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: de Vw 2000) een zienswijze kan worden gegeven. De vreemdeling heeft daarbij het volgende verklaard: "Ik wens permanent verblijf in Nederland en ik heb er geen bezwaar tegen dat ik in een gesloten inrichting word geplaatst."
Voorts is in het besluit onder het kopje "Geen lichter middel" het volgende vermeld:
"In het kader van de oplegging van deze maatregel is afgewogen of op betrokkene een afdoende minder dwingende maatregel doeltreffend is toe te passen. Vastgesteld wordt dat de oplegging van de maatregel berust op het grensbewakingsbelang en dat een minder dwingende maatregel niet kan worden toegepast zonder dat dit grensbewakingsbelang (feitelijk) wordt prijsgegeven. Niet is van bijzondere, individuele omstandigheden gebleken die aanleiding zouden zijn om van oplegging van de maatregel af te zien en daarmee het grensbewakingsbelang prijs te geven. De vreemdeling heeft in dit verband (enkel) aangevoerd:(door de vreemdeling aangevoerde omstandigheden)"Ik heb geen persoonlijke, psychische of medische aandoeningen en heb geen bezwaar tegen tijdelijke insluiting."
Deze omstandigheden zijn echter in het licht van het grensbewakingsbelang onvoldoende zwaarwegend want (overwegingen ambtenaar waarom er niet is gekozen voor de toepassing van een lichter middel dan vrijheidsontneming) Geen redenen aangedragen door derdelander voor de toepassing van een lichter middel."
1.2. In het op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van 13 oktober 2015 is onder het kopje "Weigering toegang tot Nederland" het volgende vermeld:
"De toegangsweigering tot Nederland is uitgesteld op grond van artikel 3, eerste lid, in samenhang met artikel 3, vierde lid, van de Vreemdelingenwet. Aan de vreemdeling is een plaats of ruimte aangewezen als bedoeld in artikel 6 lid 3 van vreemdelingenwet namelijk: JCS Schiphol.
De beschikking hiervan, de hierbij behorende toelichting, alsmede de folder rechtsmiddelen is afzonderlijk en aan voornoemde vreemdeling uitgereikt.
[…] De voornoemde vreemdeling is medegedeeld dat de hem/haar geweigerde toegang tot Nederland is uitgesteld dan wel opgeschort. De voornoemde vreemdeling heeft hierover het volgende verklaard: "Ik heb geen bezwaar om het definitieve besluit over deze weigering in beperkte vrijheid af te wachten."
1.3. In het op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal van bevindingen algemeen van 23 oktober 2015 heeft de verbalisant het volgende verklaard:
"Bij de beoordeling of er een lichter middel kan worden toegepast, worden standaard de volgende vragen aan betrokkene gesteld:
Bent u gezond?
Gebruikt u medicatie?
Heeft u medische- of psychische klachten?
Heeft u redenen, waarom wij u niet (tijdelijk) kunnen insluiten?
Als er geen bijzondere omstandigheden worden aangevoerd, wordt er in de plaatsingsbeschikking (M19) een zakelijke weergave van dit gehoor vermeld.
Mochten er wel bijzondere omstandigheden worden aangevoerd, dan worden deze als zodanig onder de kop "toepassing lichter middel" vermeld en als zodanig betrokken bij de beoordeling."
1.4. Met zijn betoog dat reeds uit de motivering van het besluit voldoende blijkt dat de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld bijzondere individuele omstandigheden naar voren te brengen die tot toepassing van een lichter middel hadden kunnen leiden, gaat de staatssecretaris eraan voorbij dat hij de rechter ten volle in staat moet stellen om de controle van de rechtmatigheid van het door hem genomen besluit uit te oefenen (vergelijk punt 45 van het arrest van het Hof van 5 juni 2014, C-146/14 PPU, Mahdi (ECLI:EU:C:2014:1320)). Ook in de zaak die ten grondslag ligt aan de uitspraak van 24 september 2015 in zaak nr. 201507039/1/V3 was in het besluit vermeld dat de vreemdeling in de gelegenheid was gesteld zijn zienswijze over de vrijheidsontnemende maatregel te geven en werd in het besluit een verklaring aan de vreemdeling toegeschreven. Uit de op de zaak betrekking hebbende stukken bleek evenwel dat hetgeen in het besluit was vermeld feitelijk onjuist was, onjuist was weergegeven of in een ander verband moest worden gelezen. Anders dan de staatssecretaris veronderstelt, valt uit de in het besluit vermelde verklaring dus op zichzelf niet af te leiden dat aan de vreemdeling bepaalde vragen zijn gesteld. Dat geldt te minder nu de staatssecretaris de overweging van de rechtbank dat die verklaring een standaardverklaring is die hij in zeer veel vergelijkbare besluiten op precies dezelfde wijze vermeldt, niet heeft betwist.
Ook in dit geval heeft de rechtbank terecht vastgesteld dat de vermelding in het besluit dat de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze over de vrijheidsontnemende maatregel te geven, geen steun vindt in de op de zaak betrekking hebbende stukken en dat de in het besluit aan de vreemdeling toegeschreven verklaring dat hij geen "persoonlijke, psychische of medische aandoeningen" heeft en geen bezwaar heeft tegen tijdelijke insluiting, niet als zodanig is opgetekend in een proces-verbaal. Het laatste geldt eveneens voor de in het besluit aan de vreemdeling toegeschreven verklaring dat hij er geen bezwaar tegen heeft dat hij in een gesloten inrichting wordt geplaatst.
Dat in het proces-verbaal van bevindingen van 13 oktober 2015 is vermeld dat de vreemdeling heeft verklaard dat hij er geen bezwaar tegen had om het definitieve besluit over de toegangsweigering in beperkte vrijheid af te wachten, leidt niet tot een ander oordeel. De bewoordingen "in beperkte vrijheid" wijzen erop dat het de vreemdeling op dat moment mogelijk niet duidelijk was dat hem geen vrijheidsbeperkende, maar een vrijheidsontnemende maatregel zou worden opgelegd. Bovendien heeft de vreemdeling deze verklaring afgelegd nadat hem was medegedeeld dat de hem geweigerde toegang tot Nederland was uitgesteld dan wel opgeschort. Uit de in het proces-verbaal geschetste gang van zaken blijkt dus niet dat de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze op de vrijheidsontnemende maatregel te geven.
De klacht van de staatssecretaris dat de rechtbank ten onrechte is voorbijgegaan aan het proces-verbaal van bevindingen algemeen van 23 oktober 2015, leidt evenmin tot een ander oordeel. Hoewel de verbalisant in dit proces-verbaal heeft verklaard dat de daarin geformuleerde vragen standaard aan vreemdelingen worden gesteld en in beginsel van de juistheid van dit op ambtsbelofte opgemaakte en ondertekende proces-verbaal moet worden uitgegaan, kan op grond van dit proces-verbaal door de rechter niet worden geverifieerd of deze vragen in dit geval ook daadwerkelijk aan de vreemdeling zijn gesteld. Bovendien heeft de rechtbank terecht overwogen dat ook uit dit proces-verbaal niet blijkt welke antwoorden de vreemdeling op deze vragen heeft gegeven.
Onder deze omstandigheden heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat de staatssecretaris heeft nagelaten voldoende kennis te vergaren ten aanzien van de af te wegen belangen, omdat onvoldoende is gebleken dat de staatssecretaris de vreemdeling duidelijk heeft gemaakt dat deze eventuele bijzondere feiten of omstandigheden met betrekking tot zijn persoonlijke belangen kon aanvoeren die tot het oordeel konden leiden dat in zijn geval met toepassing van een lichter middel moest worden volstaan en evenmin is gebleken dat de staatssecretaris de vreemdeling zelf concrete vragen over mogelijke bijzondere feiten of omstandigheden heeft gesteld.
De grief faalt in zoverre.
1.5. In de punten 39 tot en met 41, 44 en 45 van het arrest G. en R. heeft het Hof het volgende overwogen:
39 Hieruit volgt dat niet elke onregelmatigheid bij de uitoefening van de rechten van de verdediging tijdens een administratieve procedure voor de verlenging van de bewaring van een onderdaan van een derde land met het oog op zijn verwijdering, schending van die rechten oplevert. Voorts is niet elk verzuim om met name het recht om te worden gehoord te eerbiedigen zodanig dat dit stelselmatig tot de onrechtmatigheid van het genomen besluit leidt, in de zin van artikel 15, lid 2, laatste alinea, van richtlijn 2008/115, zodat dit ook niet automatisch ertoe dwingt de betrokken onderdaan in vrijheid te stellen.
40 Teneinde een dergelijke onrechtmatigheid te constateren, staat het immers aan de nationale rechter om aan de hand van de specifieke feitelijke en juridische omstandigheden van het geval na te gaan of, wanneer hij van oordeel is dat sprake is van een onregelmatigheid die het recht om te worden gehoord aantast, de administratieve procedure in kwestie een andere afloop had kunnen hebben, omdat de betrokken onderdanen van derde landen elementen ter rechtvaardiging van de beëindiging van hun bewaring hadden kunnen aanvoeren.
41 Indien niet zou worden erkend dat de nationale rechter een dergelijke beoordelingsbevoegdheid heeft en elke schending van het recht om te worden gehoord automatisch en verplicht zou leiden tot de nietigverklaring van het besluit tot verlenging van de bewaring en tot de opheffing van die bewaring, hoewel een dergelijke onregelmatigheid in werkelijkheid zonder invloed is op dat verlengingsbesluit en hoewel is voldaan aan de inhoudelijke voorwaarden voor de bewaring in artikel 15 van richtlijn 2008/115, zou dit het gevaar van afbreuk aan het nuttig effect van deze richtlijn inhouden.
[…]
44 Wanneer de nationale rechter zich geplaatst ziet voor een beweerde schending van het recht om te worden gehoord tijdens een administratieve procedure voor de vaststelling van een besluit tot verlenging van een bewaring in de zin van artikel 15, lid 6, van richtlijn 2008/115, dient zijn toetsing dus in te houden dat hij aan de hand van de specifieke feitelijke en juridische omstandigheden van het geval nagaat of de procedurele onregelmatigheden aan degenen die deze aanvoeren, ook daadwerkelijk de mogelijkheid hebben ontnomen om zich zodanig te verweren dat deze administratieve procedure een andere afloop had kunnen hebben.
45 Gelet op een en ander moet op de gestelde vragen worden geantwoord dat het Unierecht, meer bepaald artikel 15, leden 2 en 6, van richtlijn 2008/115, aldus moet worden uitgelegd dat wanneer in het kader van een administratieve procedure in strijd met het recht om te worden gehoord tot verlenging van een bewaringsmaatregel wordt besloten, de nationale rechter die de rechtmatigheid van dat besluit moet beoordelen, de opheffing van de bewaringsmaatregel pas kan gelasten wanneer hij van oordeel is, gelet op alle feitelijke en juridische omstandigheden van het geval, dat deze schending aan degene die haar aanvoert, ook daadwerkelijk de mogelijkheid heeft ontnomen om zich zodanig te verweren dat deze administratieve procedure een andere afloop had kunnen hebben.
1.6. De staatssecretaris betoogt terecht dat hetgeen het Hof in deze punten van het arrest G. en R. heeft overwogen evenzeer van toepassing moet worden geacht op de oplegging van een vrijheidsontnemende maatregel als bedoeld in artikel 6, derde lid, van de Vw 2000. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 14 december 2012 in zaak nr. 201208906/1/V3), volgt uit het arrest van het Hof van 18 december 2008 in zaak nr. C-349/07, Sopropé (ECLI:EU:C:2008:746) dat een bestuursorgaan, alvorens jegens een bepaalde persoon een bezwarend besluit te nemen, die persoon de gelegenheid moet geven daarover opmerkingen kenbaar te maken, hetgeen evenzeer is voorgeschreven in artikel 4:8 van de Awb. Nu het verdedigingsbeginsel de staatssecretaris ertoe verplichtte bij de totstandkoming van het besluit onder meer artikel 4:8 van de Awb in acht te nemen, houdt schending van dat artikel tevens een schending van het verdedigingsbeginsel in.
1.7. In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat de staatssecretaris terecht het standpunt heeft ingenomen dat het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel in het geval van de vreemdeling nodig bleek en dat andere, minder dwingende maatregelen niet effectief konden worden toegepast. Ook heeft de rechtbank geoordeeld dat de staatssecretaris de stelling van de vreemdeling dat hij de Syrische nationaliteit bezit en de kans bestond dat zijn asielaanvraag zou worden ingewilligd, terecht niet heeft aangemerkt als bijzondere individuele omstandigheid die de vrijheidsontnemende maatregel voor de vreemdeling onevenredig bezwarend maakte.
Nu dit oordeel in hoger beroep niet is bestreden, moet het ervoor worden gehouden dat de in overweging 1.4. vastgestelde schending van het verdedigingsbeginsel de vreemdeling niet daadwerkelijk de mogelijkheid heeft ontnomen om zich zodanig te verweren dat de besluitvorming een andere afloop had kunnen hebben. In het licht daarvan heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat deze schending tot onrechtmatigheid van de aan de vreemdeling opgelegde vrijheidsontnemende maatregel leidt.
De grief slaagt in zoverre.
2. Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Afdeling het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 13 oktober 2015 van de staatssecretaris beoordelen in het licht van de daartegen in eerste aanleg voorgedragen beroepsgronden, voor zover daarop, na hetgeen hiervoor is overwogen, nog moet worden beslist.
3. In beroep heeft de vreemdeling aangevoerd dat hij bij de oplegging van de vrijheidsontnemende maatregel ten onrechte in de Engelse taal is gehoord, terwijl hij in het Kurmanji had moeten worden gehoord. De gemachtigde van de vreemdeling heeft ter zitting van de rechtbank verklaard dat de vreemdeling nauwelijks Engels spreekt en dat ook hij door tussenkomst van een tolk met de vreemdeling heeft gesproken.
3.1. Uit het op ambtseed opgemaakte en ondertekende proces-verbaal van overgave van een ongedocumenteerde vreemdeling blijkt dat de vreemdeling op 13 oktober 2015 om 14.10 uur door tussenkomst van een tolk in het Kurmanji kenbaar heeft kunnen maken dat hij een asielaanvraag wilde indienen. Uit het op ambtsbelofte opgemaakte en ondertekende proces-verbaal van bevindingen van dezelfde datum blijkt dat de vreemdeling later die dag met een andere verbalisant in het Engels heeft gecommuniceerd. Die taal was volgens de verbalisant voor hen beiden goed verstaanbaar.
De staatssecretaris heeft ter zitting van de rechtbank niet kunnen toelichten waarom de vreemdeling op 13 oktober 2015 eerst wel en later niet meer door tussenkomst van een tolk is gehoord.
3.2. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer uitspraak van 15 februari 2010 in zaak nr. 201000135/1/V3 dient in beginsel van de juistheid en volledigheid van een op ambtseed dan wel ambtsbelofte opgemaakt en ondertekend proces-verbaal te worden uitgegaan. Nu de verbalisant in het proces-verbaal van bevindingen heeft vermeld dat de Engelse taal voor zowel haar als de vreemdeling goed verstaanbaar is, moet derhalve in beginsel van de juistheid daarvan worden uitgegaan. De weergave in dit proces-verbaal van de korte verklaring van de vreemdeling over zijn reisroute, bevestigt dat in elk geval enige communicatie tussen de verbalisant en de vreemdeling heeft plaatsgevonden.
Dat iemand een taal passief beheerst, betekent niet per definitie dat hij deze ook actief in voldoende mate beheerst om zich daarin naar wens te kunnen uitdrukken. Voor zover de vreemdeling heeft beoogd te betogen dat hij de Engelse taal onvoldoende beheerst om volledig en gedetailleerd te kunnen verklaren, heeft hij echter niet geconcretiseerd welke feiten en omstandigheden hij daardoor niet naar voren heeft kunnen brengen en in welke mate hij door het niet inschakelen van een tolk in zijn belangen is geschaad.
De beroepsgrond faalt.
4. Aan de hiervoor niet besproken bij de rechtbank voorgedragen beroepsgrond komt de Afdeling niet toe. Over die grond is door de rechtbank uitdrukkelijk en zonder voorbehoud een oordeel gegeven, waartegen in hoger beroep niet is opgekomen. Evenmin is sprake van een nauwe verwevenheid tussen het oordeel over die grond, dan wel onderdelen van het bij de rechtbank bestreden besluit waarop ze betrekking hebben, en hetgeen in hoger beroep aan de orde is gesteld. Deze beroepsgrond valt thans dientengevolge buiten het geding.
5. Gelet op de overwegingen 3.2. en 4. zal de Afdeling het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 13 oktober 2015 van de staatssecretaris alsnog ongegrond verklaren. Er is geen grond voor schadevergoeding.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. verklaart het hoger beroep gegrond;
II. vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 4 november 2015 in zaak nr. 15/18445;
III. verklaart het door de vreemdeling bij de rechtbank in die zaak ingestelde beroep ongegrond;
IV. wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, voorzitter, en mr. A.B.M. Hent en mr. N. Verheij, leden, in tegenwoordigheid van M.E. van Laar LLM, griffier.
w.g. Lubberdink w.g. Van Laar
voorzitter griffier
Uitgesproken in





Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Inkomenseisen per 1 januari 2016 aangepast

Per 1 januari 2016 zijn de inkomenseisen aangepast. Deze inkomenseisen (de zogenaamde normbedragen) worden ieder jaar op 1 januari en 1 juli herzien.

Inkomensvereiste
Om in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning moet u in de meeste gevallen voldoen aan een inkomensvereiste. U moet aantonen dat u een voldoende en duurzaam inkomen hebt. Dit betekent dat u moet laten zien dat u voldoende inkomen hebt voor een bepaalde tijd.
De hoogte van het inkomen dat u moet aantonen wordt bepaald door uw persoonlijke situatie en het type verblijfsvergunning dat u gaat aanvragen. Het inkomen dat u moet aantonen is een bruto bedrag. Dit is het bedrag dat in de arbeidsovereenkomst of de salarisspecificatie (loonstrook) staat. Op uw loonstrook vindt u dit bedrag bijvoorbeeld in het vakje 'SV-loon'. SV-loon wordt soms ook 'loon SV' of '(bruto)loon SVW' genoemd.

Meer informatie
De inkomensvereisten per 1 januari 2016

 Bron: https://ind.nl//organisatie/nieuws/Paginas/Inkomenseisen-per-1-januari-2016-aangepast.aspx

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Raad van State inzake Marokkaanse homo die in Nederland asiel aanvroeg - IND verliest hoger beroep

ECLI:NL:RVS:2015:4062
Instantie Raad van State
Datum uitspraak 24-12-2015
Datum publicatie 30-12-2015
Zaaknummer 201409974/1/V2
Rechtsgebieden Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken Hoger beroep
Inhoudsindicatie Bij besluit van 15 mei 2014 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Dit besluit is aangehecht.
Vindplaatsen Rechtspraak.nl

Uitspraak

201409974/1/V2.
Datum uitspraak: 24 december 2015
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op de hoger beroepen van:
1. de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
2. [de vreemdeling],
appellanten,
tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, van 13 november 2014 in zaak nr. 14/12205 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de staatssecretaris.
Procesverloop
Bij besluit van 15 mei 2014 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Dit besluit is aangehecht.
Bij uitspraak van 13 november 2014 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van hetgeen in de uitspraak is overwogen. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris hoger beroep ingesteld. Het hogerberoepschrift is aangehecht.
De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. M.M. Volwerk, advocaat te Leiden, heeft een verweerschrift ingediend en incidenteel hoger beroep ingesteld. Het hogerberoepschrift is aangehecht.
De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.
Vervolgens is het onderzoek gesloten.
Overwegingen
In het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling
1. Hetgeen in het hogerberoepschrift is aangevoerd en aan artikel 85, eerste en tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 voldoet, kan niet tot vernietiging van de aangevallen uitspraken leiden. Omdat het aangevoerde geen vragen opwerpt die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoording behoeven, wordt, gelet op artikel 91, tweede lid, van deze wet, met dat oordeel volstaan.
In het hoger beroep van de staatssecretaris
2. De staatssecretaris klaagt in zijn grief dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat hij ondeugdelijk heeft gemotiveerd dat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij voor vervolging heeft te vrezen, indien hij in Marokko zonder terughoudendheid invulling geeft aan zijn seksuele gerichtheid. Hiertoe voert de staatssecretaris, voor zover thans van belang, aan dat hij, anders dan de rechtbank heeft overwogen, deugdelijk heeft gemotiveerd dat de autoriteiten de wetgeving die het verrichten van homoseksuele handelingen strafbaar stelt (hierna: de strafwetgeving), in de praktijk niet actief handhaven.
2.1. De Afdeling heeft in de uitspraak van 18 december 2013 in zaak nr. 201109928/1/V2, naar aanleiding van het arrest van het Hof van Justitie van 7 november 2013, in de gevoegde zaken C-199/12 tot en met C-201/12, X, Y en Z tegen de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel (ECLI:EU:C:2013:720), onder meer overwogen dat de staatssecretaris bij de beoordeling of een vreemdeling een gegronde vrees heeft voor vervolging wegens zijn seksuele gerichtheid, de verklaringen van een vreemdeling dient te betrekken over de wijze waarop hij na terugkeer in zijn land van herkomst invulling aan zijn seksuele gerichtheid zal geven. Indien in het land van herkomst van een vreemdeling regelgeving bestaat op grond waarvan homoseksualiteit strafbaar is, dan wel die het verrichten van homoseksuele handelingen strafbaar stelt, moet de staatssecretaris onderzoeken hoe deze regelgeving in de praktijk wordt toegepast of uitwerkt. Het onderzoek omvat mede de vraag of het enkele zijn van homoseksueel of het verrichten van homoseksuele handelingen een gegronde vrees voor vervolging oplevert. Voorts moet het door de staatssecretaris te verrichten onderzoek niet alleen de vraag betreffen of toepassing van deze strafbepalingen daadwerkelijk leidt tot het opleggen van gevangenis- of andere straf, maar ook het aan een eventuele veroordeling voorafgaande politie- en strafvorderlijk onderzoek en welke gevolgen strafbaarstelling heeft voor de maatschappelijke positie van homoseksuelen. Hierbij moet de staatsecretaris tevens de mogelijkheid voor homoseksuelen betrekken om bescherming bij de overheid te vragen tegen negatieve bejegening door derden. Bij deze beoordeling moet de staatssecretaris buiten beschouwing laten of een vreemdeling zich aan vervolging kan onttrekken door zich terughoudend op te stellen.
2.2. In het besluit en het ingelaste voornemen daartoe heeft de staatssecretaris zich op het standpunt gesteld dat de Marokkaanse autoriteiten de strafwetgeving niet actief handhaven. Hiertoe heeft hij redengevend geacht dat in het rapport 'Country Report on Human Rights Practices' van het U.S. Department of State van april 2012 staat dat "The penal code criminalizes consensual same-sex sexual activity, but these provisions were infrequently enforced". Dat in het door de vreemdeling overgelegde bericht 'Morocco jails, will exile six men for being gay' van Gaystarnews van 15 mei 2014 staat dat zes homoseksuelen mede vanwege het verrichten van homoseksuele handelingen strafrechtelijk zijn veroordeeld, noopt volgens de staatssecretaris niet tot een ander standpunt. Ditzelfde geldt voor de berichten 'Morocco tally: 81 trials for homosexuality in 1 year' en '3 years in Morocco prison for LGBTs: 2 sentenced, 2 on trial' van de website www.76crimes.com van 6 juni 2013, waarin onder meer staat dat in 2011 in totaal 81 rechtszaken zijn geweest waarin beschuldigingen van homoseksualiteit aan de orde waren en waarin wordt gemeld dat twee personen in mei 2013 zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar wegens het verrichten van homoseksuele handelingen. Het aantal rechtszaken en veroordelingen, afgezet tegen het grote aantal inwoners van Marokko, rechtvaardigt niet de conclusie dat grote groepen homoseksuelen door de autoriteiten worden vervolgd, aldus de staatssecretaris.
2.3. Volgens de rechtbank biedt de door de staatssecretaris aangehaalde passage uit voormeld rapport van het U.S. Department of State van april 2012 geen helder inzicht in de kans op vervolging. Uit voormeld bericht van Gaystarnews leidt de rechtbank verder af dat in Marokko daadwerkelijk sprake is van strafrechtelijke vervolging en bestraffing van personen vanwege hun homoseksuele gerichtheid. Gelet hierop heeft de staatssecretaris ondeugdelijk gemotiveerd dat de Marokkaanse autoriteiten de strafwetgeving niet actief handhaven, aldus de rechtbank.
2.4. De rechtbank heeft terecht geconcludeerd dat aan het besluit een motiveringsgebrek kleeft. Ter beantwoording van de vraag of de vreemdeling, gelet op de toepassing en uitwerking van de Marokkaanse strafwetgeving, in zijn land van herkomst een gegronde vrees voor vervolging wegens zijn seksuele gerichtheid heeft, volstaat immers niet dat de staatssecretaris louter onderzoekt hoe vaak deze strafwetgeving heeft geleid tot een rechtszaak of veroordeling en deze aantallen afzet tegen het totale aantal inwoners van Marokko. Het aantal rechtszaken en veroordelingen geeft immers nog geen antwoord op de vraag of en, zo ja, onder welke omstandigheden de autoriteiten het verrichten van strafbaar gestelde homoseksuele handelingen waarvan zij kennis hebben, onbestraft laten. Door zich slechts te baseren op het aantal rechtszaken en veroordelingen maakt de staatssecretaris verder niet inzichtelijk hoe groot de kans is om als homoseksueel onderwerp te worden van politie- en strafvorderlijk onderzoek en evenmin welke gevolgen een dergelijk onderzoek heeft voor de desbetreffende vreemdeling.
De grief faalt.
Conclusie
3. Het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling en het hoger beroep van de staatssecretaris zijn kennelijk ongegrond. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
4. De staatssecretaris moet op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten worden veroordeeld.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. bevestigt de aangevallen uitspraak;
II. veroordeelt de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 490,00 (zegge: vierhonderdnegentig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, voorzitter, en mr. M.G.J. Parkins-de Vin en mr. J.J. van Eck, leden, in tegenwoordigheid van mr. E.R. Fernandez, griffier.
w.g. Lubberdink w.g. Fernandez
voorzitter griffier
Uitgesproken in het openbaar op 24 december 2015
284-753.

De hele uitspraak: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2015:4062


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Interessantie website: Stichting Participatie Perspectief

Welkom bij Participatie Perspectief

Wij onderzoeken en activeren het fundamenteel vermogen van mensen in een nieuwe culturele omgeving. Door onderzoek naar en bewustwording van het eigen cultureel waardensysteem. Bij de migrant en vluchteling zelf maar ook bij de beroepsbeoefenaar en de ambtenaar.

Vluchten is
 één ding. Een vervuld leven in een nieuw land opbouwen, is een tweede. 


Participatie Perspectief is een stichting waarin bewustwording van het eigen cultureel waardensysteem en onderzoek hiernaar, samenkomen.

Onze diensten
Het voornaamste doel van Participatie Perspectief is het versterken van het zelfbeschikkingsrecht van vluchtelingen en migranten.


  • Met dialoogbijeenkomsten trachten we een mentaliteitsverandering op gang te brengen in gemeenschappen die hinder ondervinden van cultuurverschillen.
  • Met toegepaste onderzoek wordt het cultureel waardensysteem van verschillende gemeenschappen in kaart gebracht.
  • Met de publicaties die hier uit voortvloeien geven we voorlichting aan beroepsgroepen, gemeenten en overheid.

Projecten

Met onze projecten doen we een beroep op het universele vermogen van de mens om een culturele mentale aanpassing toe te laten.

Wil je informatie over het project, neem dan contact op met ons.


Klinkt interessant. Misschien moet u hier ook eens rondneuzen http://www.participatie-perspectief.nl/

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Internationale Rechtshulpkamer: voorlopig geen beslissingen over overleveringsverzoeken Hongarije

 Misschien ook handig om te weten voor Dublinzaken of vreemdelingenbewaring
Amsterdam, 31 december 2015
De Internationale Rechtshulpkamer (IRK) van de rechtbank Amsterdam neemt voorlopig geen beslissingen over overleveringsverzoeken van Hongarije vanwege de zorgwekkende toestand in de Hongaarse gevangenissen. Eerst wordt het antwoord van de Hongaarse autoriteiten afgewacht op de vraag in welke gevangenissen de opgeëiste personen in geval van overlevering naar Hongarije terecht zullen komen.
Op 10 maart 2015 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg uitspraak gedaan naar aanleiding van door de Hongaar Varga en anderen ingediende klachten over de detentieomstandigheden in Hongarije. De klacht werd gegrond verklaard; er was sprake van een schending van artikel 3 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).

Cellen overvol

Het Hof heeft zich daarbij gebaseerd op een rapport van de European Commission for the prevention of torture and inhuman or degrading treatment or punishment (kortweg: de CPT). De CPT heeft in Hongarije gevangenissen bezocht en over haar bevindingen gerapporteerd. De omstandigheden in een aantal Hongaarse detentiecentra waren zorgwekkend. Zo waren de cellen overvol en er was te weinig gelegenheid om te douchen en te luchten. Ook was sprake van gebrek aan privacy bij toiletbezoek. De problemen bleken wijdverspreid aanwezig in de Hongaarse penitentiaire inrichtingen en konden niet worden afgedaan als toevallige incidenten. Een wettelijke regeling waarop een klagende gevangene zich zou kunnen beroepen, ontbrak.

Overlevering weigeren?

Het Hanseatisches Oberlandesgericht Bremen (Duitsland) heeft naar aanleiding van deze uitspraak van het EHRM op 23 juli 2015 prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie te Luxemburg. Aanleiding daarvoor was een Europees Aanhoudingsbevel (EAB) waarmee de Hongaarse autoriteiten om de overlevering van een in Duitsland verblijvende Hongaarse staatsburger verzoeken. Een van de vragen luidt als volgt: moet de overlevering geweigerd worden indien er concrete aanknopingspunten zijn voor een dreigende schending van artikel 3 van het EVRM of moet, dan wel kan de overlevering in zo’n geval afhankelijk worden gemaakt van een garantie van de Hongaarse autoriteiten dat de detentieomstandigheden aan minimumvoorwaarden voldoen? Pas als het Europees Hof de vragen zal hebben beantwoord, zal het Duitse gerecht beslissen op het Hongaarse verzoek tot overlevering.

Geen beslissing

Op dit moment is de Internationale rechtshulpkamer (IRK) van de rechtbank Amsterdam van oordeel dat zij geen beslissingen kan nemen op Hongaarse EAB’s. Sinds de vraagstelling door het Hanseatisches Oberlandesgericht van 23 juli 2015 heeft de IRK vier verschillende Hongaarse EAB’s ontvangen. In één geval heeft zij het onderzoek bij tussenuitspraak heropend en aan de Hongaarse autoriteiten gevraagd in welke gevangenis de door hen gezochte persoon zal worden geplaatst. Deze vraag is ook gesteld naar aanleiding van drie latere EAB’s, waarvan de behandeling dan ook is aangehouden. De rechtbank heeft geen zicht op de wijze waarop overleveringsrechters in andere lidstaten met deze materie omgaan.

Vindplaatsen

- het rapport van het Europees Comité inzake de voorkoming van folteringen en onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen van 30 april 2014 (CPT/inf [2014] 13)
- het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens van 10 maart 2015 (14097/12, 45135/12, 73712/12, 34001/13, 44055/13, Varga e.a./Hongarije
- Hanseatisches Oberlandesgericht in Bremen, 23 juli Geschäftszeichen: 1 Ausl. A 3/15- Tussenuitspraak IRK van 17 november 2015,  ECLI:NL:RBAMS:2015:7977.

Tussenuitspraak IRK van 17 november 2015

 Hier gevonden: https://www.rechtspraak.nl/Organisatie-en-contact/Organisatie/Rechtbanken/Rechtbank-Amsterdam/Nieuws/Paginas/Schending-mensenrechten-in-Hongaarse-gevangenissen.aspx

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

VACATURE: Casemanager bij het COA in Arnhem op asielzoekerscentrum


Casemanager

  • ARNHEM
  • Tijdelijk dienstverband
  • 36 uren
    • HBO

Over de functie

In de functie van Casemanager ondersteun jij asielzoekers bij het maken van een plan met het doel hen te bewegen terug te keren naar het land van herkomst of te begeleiden bij inburgering. De volgende werkzaamheden behoren tot je takenpakket:
  • Je voert individuele gesprekken met asielzoekers en begeleidt hen met de te doorlopen stappen om hun eigen plan te realiseren
  • Je bent verantwoordelijk voor het dossier van de aan je toegewezen asielzoekers
  • Je werkt actief samen met collega's op het centrum en professionals van andere organisaties die met vreemdelingen werken voor afstemming en uitwisseling van informatie
  • Je signaleert spanningen, spreekt bewoners aan op ongewenst gedrag en intervenieert
  • Je voert sanctionerings- en stimuleringsbeleid uit

Functie eisen

  • Opleidingsniveau: HBO+ werk- en denkniveau, bij voorkeur een diploma van een sociaal agogische of maatschappelijke opleiding
  • Een professional met agogische vaardigheden en ervaring met methodische gespreksvoering
  • Gemakkelijk in gesprek kunnen gaan met mensen van verschillend niveau en achtergrond
  • Uitstekende mondelinge en schriftelijke vaardigheden
  • Kundig in het omgaan met emoties, bijvoorbeeld in slechtnieuws gesprekken
  • Bereidheid om onregelmatig te werken
  • Goed overweg kunnen met mensen en interculturele verschillen en kundig zijn in de omgang met verschillende belangen
  • Ervaring met digitaal werken ten behoeve van registratie en rapportage
  • Samenwerkingscommunicatieve vaardigheden met in- en externe partijen
  • Bereid te werken in de regio Gelderland
  • Op korte termijn beschikbaar

Over het bedrijf

Een organisatie in Nederland die zorg draagt voor de opvang en begeleiding van asielzoekers.

Door de huidige hoge instroom van mensen die op dit moment in ons land asiel aanvragen, wordt het aantal opvanglocaties tijdelijk uitgebreid.

De opvang en begeleiding van de ‘bewoners' staan bij iedere functie centraal. De aard van het werk vraagt om een betrokken en flexibele houding die uitgaat van aanpakken en doen wat nodig is om de huisvesting en begeleiding goed te regelen.

De inbreng van medewerkers op hun vakgebied maakt het verschil voor de toekomst van iedere asielzoeker in Nederland.

Wat wij bieden

Het betreft een fulltime functie voor 36 uur per week. De salarisindicatie bedraagt € 2726 bruto per maand o.b.v. 36 uur. Het is een functie voor 6 maanden, maar langer is zeker niet uitgesloten. Heb je interesse en herken je jezelf in het profiel? Dan zien we graag jouw CV en motivatiebrief tegemoet!

Samenvatting

  • Standplaats ARNHEM
  • Dienstverband Tijdelijk dienstverband
  • Opleidingsniveau
    • HBO

Hier solliciteren: http://www.startpeople.nl/detail/1500/20629614/Casemanager.html?utm_source=Indeed&utm_medium=organic&utm_campaign=Indeed



Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

VACATURE: Internationaal Expat Medewerker

22-12-2015
Type:Vaste baan
Uren:40
Looptijd:
Plaats:Haarlemmermeer
Bedrijfsprofiel:Internationale organisatie
Vestiging:Uitzendbureau Lisse
Functieomschrijving
De organisatorische en administratieve coördinatie voor bij aankomst in het land van bestemming voor expats die voor korte- of lange tijd naar het buitenland gaan om te werken en wonen.

  • Het boeken van huurauto's en hotelkamers
  • Contact onderhouden met de andere divisies binnen de organisatie om er voor te zorgen dat het totaal pakket aan
diensten goed verloopt voor de expats
  • Contact onderhouden buitenlandse kantoren, voornamelijk in het Nederlands en Engels, per mail en telefonisch.
  • Met makelaars het plannen van bezichtigingen van huizen / appartementen wereldwijd
  • Het aanmelden bij diverse instanties in het land van bestemming
  • Advies geven van processen die nodig zijn bij aanvang bij het wonen in het buitenland
  • Ad hoc situaties oplossen
  • Bijhouden van checklist
  • In- en externe processen optimaliseren
Vereisten
  • Goede kennis van de Nederlandse en Engelse taal in woord en geschrift
  • Kennis van Frans, Spaans of Portugees is een pre
  • Goede computer- en telefoonvaardigheden
  • Flexibel inspelen op diverse verzoeken van klanten
  • Creatief, probleemoplossend vermogen
  • Teamgeest, relativeringsvermogen, culturele sensitiviteit en gevoel voor humor
  • Enthousiast zijn om in een internationale omgeving te werken
  • Heb je internationale werk-, studie- of reiservaring dan is dat een pre voor deze functie!

Bij geschiktheid zal je direct op contract gaan bij onze opdrachtgever.
 


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Nieuw beleid voor het zoekjaar voor hoogopgeleiden (langere periode en ook voor wetenschappers)

Nieuwsbericht | 30-12-2015 ​ Nederland vindt het belangrijk dat hoogopgeleiden ruim de tijd krijgen om na hun studie een baan als kennismigrant te vinden in Nederland of een eigen onderneming te starten.  Hiervoor kunnen zij een verblijfsvergunning 'zoekjaar hoogopgeleiden' aanvragen. Deze verblijfsvergunning  moeten zij binnen 3 jaar na het afronden van een studie in Nederland of het buitenland aanvragen. Op de verblijfsvergunning voor 'zoekjaar hoogopgeleiden' staat de arbeidsmarktaantekening 'arbeid vrij toegestaan, tewerkstellingsvergunning (TWV) niet vereist'. Dit betekent dat de hoogopgeleide met deze verblijfsvergunning vrij mag werken in Nederland. Het nieuwe beleid zal binnenkort ingaan, als de wijziging van het Vreemdelingenbesluit is gepubliceerd. Op dit moment is nog niet bekend wanneer precies is. Zodra bekend is wanneer het beleid in gaat, wordt dit door de IND gecommuniceerd.  Een van de belangrijkste wijzigingen is de ingangsdatum van het zoekjaar: die mag volgens de nieuwe regels tot drie jaar na het behalen van het diploma of het afronden van het wetenschappelijk onderzoek worden aangevraagd. Onder de oude regeling was dit maar een jaar. Deze wijziging geeft in Nederland afgestudeerden de kans om na het behalen van het diploma eerst terug te gaan naar hun land van herkomst, om vervolgens weer naar Nederland terug te keren. Daarnaast geldt de nieuwe regeling niet alleen voor studenten, ook wetenschappelijk onderzoekers kunnen straks een verblijfsvergunning op grond van het zoekjaar aanvragen.

Bron:  https://ind.nl//organisatie/nieuws/Paginas/Nieuw-beleid--voor-het-zoekjaar-voor-hoogopgeleiden--.aspx


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Voetballer Gandu mag blijven: "Ik kon die vrouw wel knuffelen" (Let op met in buitenland gaan wonen als je alleen verblijfsvergunning hebt)


UTRECHT - Voetballer Christian Gandu hoeft niet terug naar Congo. De speler van het Utrechtse Magreb'90 heeft woensdag een permanente verblijfsvergunning gekregen. "Ik ben heel blij. De vrouw die me het vertelde kon ik wel knuffelen", zegt Gandu tegen RTV Utrecht. "Ik ben nu met vrienden wat aan het drinken en Oud en Nieuw vier ik straks met een extra lekker gevoel."

Begin deze maand ontstond commotie over de dreigende uitzetting van de voetballer uit Culemborg, die al sinds zijn 9e in Nederland is. Magreb'90 startte een actie en er was steun van Willem van Hanegem en Wesley Sneijder. Ook de Tweede Kamer besprak de dreigende uitzetting.

Gandu kwam op 9-jarige leeftijd naar Nederland. Hij belandde in een pleeggezin en ging voetballen bij KVVA Amersfoort en later in de jeugdopleiding van FC Utrecht. Het ging mis toen hij voor een voetbalavontuur naar Polen vertrok. De Immigratie- en Naturalisatiedienst beschouwde zijn vertrek als emigratie. Bij terugkomst startte een nieuwe asielprocedure waarbij het verzoek van Gandu werd afgewezen.

De speler is opgelucht dat de zaak toch nog is opgelost. "Ik kan nu weer rustig in mijn hoofd worden. Ik kan weer lekker gaan werken en voetballen en alles doen wat ik niet meer kon", zegt Gandu.

De advocaat van de voetballer gaat nu een paspoort voor hem aanvragen. Ook gaat Gandu een inburgeringscursus volgen zodat hij de Nederlandse nationaliteit krijgt. (Dat gaat andersom :) )

Hier gevonden op RTVU: http://www.rtvutrecht.nl/nieuws/1420637/voetballer-gandu-mag-blijven-ik-kon-die-vrouw-wel-knuffelen.html


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Discussieonderwerp: Asielaanvraag op legerbasis. Domme keuze van asielzoekers of foute interpretatie van Verdrag door Engeland?

CASUS: Koerden komen op hun vlucht 17 jaar geleden aan op Cyprus en vragen asiel aan Groot-Brittanie op een Britse legerbasis. Ze willen naar Engeland. Engeland erkent geen asielaanvragen op legerbasissen want die willen ze niet zien overstromen met asielzoekers. Koerden vragen geen asiel aan op Cyprus omdat ze van mening zijn dat hun kans op werk daar nihil is. Met als gevolg dat ze al 17 jaar in een hutje op de basis wonen met 75 personen.

Wat vindt U?  Mag zowel juridische uitleg als niet juridische mening zijn. Ik hou de mijne nog even voor me.


Cyprus refugees hope courts end 17-year-wait on UK base

The 75 asylum-seekers set sail from Lebanon in 1998 [AFP]


When Taj Bashir saw land after days adrift aboard a ramshackle fishing trawler, he thought his treacherous journey from persecution in Sudan to sanctuary in Europe was finally over.

But 17 years later, he and dozens of fellow passengers remain stranded on a British military base on the Mediterranean island of Cyprus, unwitting participants in an international dispute that has lasted nearly half his life.

"We get used to waiting," says Bashir, 43, outside the corrugated steel bungalow that serves as his family home in Dhekelia Sovereign Base Area, on Cyprus's southern shore.

"We don't have most of our civil rights because we are in a military base. Most of the families here have been affected physically and psychologically," he says.

Bashir and 74 other asylum seekers - mainly Syrian and Iraqi Kurds - set sail from Lebanon in 1998 but were marooned off another British base on Cyprus, RAF Akrotiri, from where Britain is now launching air strikes against the Islamic State group in Iraq and Syria.

They were moved along the coast to Dhekelia, where around half were given refugee status on the base, and told their accommodation - 1960s prefabricated huts perched on a scrub-covered hill overlooking a firing range - was only temporary.

But their stay has been anything but.
     We are like the leftovers that you throw to the dogs.
- Mustafa Shirmus, a stateless Syrian Kurd.

"We are like the leftovers that you throw to the dogs," says Mustafa Shirmus, 41, a stateless Syrian Kurd who was on the same boat as Bashir.

"I wish the people of the UK knew what was happening here."

Although Dhekelia is officially British sovereign territory, the refugees have been refused permission to resettle in Britain.

While they could in theory claim asylum in Cyprus, many on the base say they have little prospect of finding work or permanent residency on the island.

The dispute has rumbled on for so long that many of the refugees have married and had children, all within the boundaries of the seven-square-kilometre (three-square-mile) outpost, although they are able to go outside.

Now, after 17 years in limbo, six of the families are seeking a judicial review challenging Britain's position.




De rest van het artikel kunt u hier lezen:
http://www.alaraby.co.uk/english/politics/2015/12/19/cyprus-refugees-hope-courts-end-17-year-wait-on-uk-base


Meepraten? Geef u mening hieronder middels het reactieformulier of praat mee in de Linkedingroep Vreemdelingenrecht.


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

30 december 2015

Dijkhoff verliest zaak over foto's detentiecentra


Nederlandse staat veroordeeld voor censureren fotoserie

De staat had geen contractuele voorwaarden mogen stellen aan het verspreiden van foto’s van detentiecentra.
Een luchtplaats bij een isoleercel in een detentiecentrum voor vreemdelingen. Foto Robert Glas / Hollandse Hoogte
De Nederlandse staat heeft zich schuldig gemaakt aan het schenden van zowel de Grondwet als het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens door contractuele voorwaarden op te leggen voor het verspreiden van foto’s van detentiecentra. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag dinsdag bepaald.
De zaak was aangespannen door fotograaf Robert Glas, die voor Vrij Nederland (VN) een fotoserie maakte waarin beelden voorkwamen van detentiecentra, waarin illegalen die hun uitzetting afwachten worden vastgehouden. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie stond Glas pas na een kort geding toe om de serie te maken. Hij mocht de beelden echter pas publiceren nadat zowel hijzelf als Vrij Nederland een contract had gesloten met de staat. In die overeenkomst stond dat de serie alleen mocht worden gepubliceerd na toestemming van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

 De rest van het artikel staat in de nieuwste NRC: http://www.nrc.nl/nieuws/2015/12/29/nederlandse-staat-veroordeeld-voor-censureren-fotoserie



Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context.

Recente berichten


en meer

Vreemdelingenrecht.com blog Headline Animator

Lekker gemakkelijk: Neem een e-mail abonnement op deze blog

Leuk dat u vandaag deze weblog leest! Wist u dat u zich kan aanmelden voor een e-mail abonnement? Wanneer ik dan nieuwe berichten plaats krijgt u hooguit eens per dag een mailtje met een overzicht van de nieuwe berichten. Die berichten kunnen gaan over wat er in de krant staat over asielzoekers, migranten of politieke strubbelingen over het vreemdelingenbeleid, maar het kunnen ook interessante uitspraken van de rechtbank of de Raad van State betreffen of nieuw beleid van meneer Teeven. Een abonnement kost u niets. Het enige wat u hoeft te doen is op onderstaande link te klikken en later er om te denken dat u uw wens bevestigt (u krijgt hiervoor een engelstalig mailtje van feedburner dus let op uw spamfilter!!!!)

Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Vreemdelingenrecht.com blog Headline Animator